Bieb in de buitenlucht

In de kerstvakantie zag ik ‘m voor het eerst: een klassieke openbare telefooncel in de Enschedese wijk Roombeek. Onderweg naar huis fietste ik er toevallig langs. Ik kon me niet herinneren dat ik de cabine hier eerder had gezien. Sterker nog: het was lang geleden dat ik überhaupt een telefooncel was tegengekomen. Maar anders dan je zou verwachten hing in het groene hokje met z’n glazen klapdeuren – alleen al het geluid van die deuren, pure nostalgie – geen telefoon. De binnenkant van de ruimte was omgebouwd tot boekenkast. Het leesvoer was keurig gerangschikt naar onderwerp: literatuur, kinderboeken, detectives, non-fictie, tijdschriften, streek- en doktersromans. Op één van de planken stond het boekje ‘Ich bin ein Almeloër!’ van Herman Finkers. Ik had het wel willen meenemen, maar liet het staan. Want het basisprincipe, zo maakte het papiertje op de telefooncel duidelijk, is dat je een boek pakt en er een exemplaar voor terugzet: ‘Breng een boek – Haal een boek’.

Minibibliotheken zoals die in Roombeek zijn overgewaaid uit de Verenigde Staten. Daar is ook Little Free Library gevestigd, een club die zich inzet voor de promotie en registratie van boekenkasten in de publieke ruimte. De gedachte: een minibieb stimuleert mensen tot lezen en brengt buurtbewoners op laagdrempelige wijze bij elkaar. Inmiddels zijn er wereldwijd meer dan 50.000 van die bibliotheekjes in de buitenlucht, nog afgezien van de ontelbare niet-geregistreerde varianten. Je vindt de minibiebs in woonwijken, op dorpspleinen, in parken of gewoon langs de weg. De boeken staan in houten stellingen, omgebouwde telefooncellen, speciale kioskjes of afgedankte koelkasten. En soms krijgt de minibieb de vorm van een kunstwerk. Zo heeft een groep Berlijnse vrouwen letterlijk een ‘boekenboom’ gecreëerd: vijf aan elkaar vastgemaakte boomstronken met daarin kastjes die dienst doen als boekenplank. Het zet je onwillekeurig aan het denken. Zal de mens er ooit nog eens in slagen om oude boeken in nieuwe bomen te veranderen?

Afgelopen weekend heb ik thuis mijn boekenkasten opgeruimd. Leuk om te doen, maar ook lastig. Want welke boeken houd je en van welke doe je afstand? Boeken weggooien, dat doe je nu eenmaal niet. Toen dacht ik weer aan de minibibliotheek bij mij in de buurt. Met een tas vol boeken ben ik ernaartoe gefietst. De telefooncel was nog steeds rijkelijk gevuld, met voor elk wat wils: verhalenbundels van Kees van Kooten en thrillers van Stieg Larsson, maar ook woordenboeken en woontijdschriften. Het boekje van Herman Finkers was helaas al weg. Maar op een plank zag ik tot mijn vreugde ‘Buurtgeluiden’ staan, een verzameling columns van Martin Bril over het buurtleven. Dat ik dat boekje juist hier moest vinden! Ik heb het in mijn tas gestopt en mijn overtollige lectuur in de telefooncabine gezet. Eén van mijn schenkingen is een boek met de toepasselijke titel ‘Buitengewone bibliotheken’. Mocht u het willen lezen, dan moet u snel naar de minibieb in Roombeek. Maar het zou natuurlijk kunnen dat iemand het intussen heeft geruild voor een ander boek.

Deze column is eerder gepubliceerd in de Twentsche Courant Tubantia van 16 februari 2017

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Ik wil meer informatie

Bel mij terug

Bekijk alle columns