Het platteland in de stad

Laatst fietste ik na vriendenbezoek in Buurse terug naar Enschede. Het was een zonnige dag geweest. Ook al was het kort na middernacht, het buitengebied van Buurse had dezelfde charme als overdag. Maar wat was het koud op de fiets! Pas toen ik de bebouwde kom van Enschede binnenreed, kreeg ik het wat warmer. Aan den lijve ervoer ik wat uit metingen telkens naar voren komt: in de stad is het gemiddeld warmer dan op het platteland. De temperatuurverschillen kunnen wel oplopen tot vier graden of meer, zeker ‘s nachts. In de stad houden huizen en gebouwen warmte vast en is er minder groen dan in het ommeland. Bomen en planten geven schaduw, filteren de lucht en zorgen voor verdamping van water, waardoor ze een verkoelend effect op de omgeving hebben. Met het oog op klimaatverandering investeren steden daarom volop in groen. Bomen en vegetatie zorgen niet alleen voor sfeer, ze bieden ook een natuurlijke vorm van airconditioning.

De laatste jaren speelt de stad sowieso graag leentjebuur bij het platteland. Dat zien we zelfs in de Twentse steden, waar de natuur gewoon om de hoek ligt. Zo moet stadslandbouw buurtbewoners bij elkaar brengen, terwijl de meeste streekproductenmarkten in binnensteden worden georganiseerd. Ook guerrilla gardening (‘wildtuinieren’), groene daken en het houden van bijen op het balkon zijn voorbeelden van de trend dat het land de stad in komt. En het platteland? Dat lijkt steeds meer te verstedelijken. Uit onderzoek blijkt dat in Nederland plattelanders over het algemeen meer fysiek zwaar werk verrichten dan stadsbewoners, maar minder wandelen en fietsen. Door de grote afstanden in het buitengebied en het verdwijnen van voorzieningen pakken ze steeds vaker de auto. Fietsen in de stad wordt juist populairder, niet alleen omdat het duurzaam is, maar ook handig en goedkoop. Of het nu gaat om groen, landbouw, buitenactiviteiten of andere fenomenen die we associëren met het platteland, je vindt ze in toenemende mate in de stad.

Hoeven stedelingen binnenkort hun wijk niet meer uit om het landleven te ervaren? Natuurlijk niet! Want hoe je het ook wendt of keert, er gaat niets boven een wandeling of fietstocht in de vrije natuur. Daar kan echt geen stadspark, streekmarkt of urban farming-project tegenop. Het platteland is meer dan een verzameling bomen, planten, gewassen en beesten die je zomaar kunt overhevelen naar de stad. Van oorsprong is de mens een plattelander: we komen voort uit de natuur en zijn er voor ons dagelijks brood nog altijd van afhankelijk. Bovendien is de natuurlijke omgeving onze grootste inspiratiebron. De Duitse filosoof Nietzsche heeft eens gezegd dat hij elke gedachte wantrouwde die niet in de natuur was ontstaan. Tijdens wandelingen op het Zwitserse platteland kwam hij op de beste ideeën, zoals: ‘Alle goede dingen hebben iets nonchalants en liggen als koeien in de wei.’ De natuur heeft het laatste woord. Ik ga snel maar weer eens met de fiets naar Buurse, want als het erop aankomt kun je beter op het platteland zijn dan in de stad.

Deze column is eerder gepubliceerd in de Twentsche Courant Tubantia van 27 juni 2015

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Ik wil meer informatie

Bel mij terug

Bekijk alle columns