Kwispelende honden

Gemiddeld trap ik één keer per jaar in de hondenpoep. Op de fiets in het buitengebied word ik af en toe achterna gezeten door een blaffende boerderijhond. En toen ik klein was, ben ik op straat eens gebeten door een keffertje. Tot zover mijn beperkte hondenleed. Daarmee mag ik me gelukkig prijzen als ik afga op berichten in de media. Veel Nederlanders zeggen namelijk problemen te hebben met honden in de publieke ruimte. Neem onderzoek naar ergernissen in de wijk: hondenpoep scoort altijd hoog. Ook de ‘Grote Natuur Enquête’ (2014) leert dat honden als bron van overlast worden beschouwd. Vooral tussen hardlopers en loslopende honden schijnt het niet te klikken.

Zelf heb ik geen hond, maar als ik internationale studies mag geloven, is dat een gemiste kans. Hondenbezitters zijn fitter dan mensen zonder hond. Logisch, want ze komen meerdere keren per dag buiten om hun huisdier uit te laten. Een hond draagt ook bij aan de geestelijke gezondheid van z’n baas of bazin: alleen al het kijken naar de trouwe viervoeter werkt stressverlagend. Verder is het aanschaffen van een hond een perfecte manier om je sociale netwerk uit te breiden. Zeker een hond met een hoge aaibaarheidsfactor werkt drempelverlagend in het contact met mensen op straat. Hondenbezitters voelen zich daarom minder alleen. Omdat ze dagelijks hetzelfde rondje maken, zijn ze de ogen en oren van de wijk. Sommige gemeenten hebben zelfs een Waaks!-project: mensen die hun hond uitlaten wordt gevraagd verdachte situaties bij de politie te melden. Per saldo leveren honden de maatschappij geld op, in de vorm van kostenbesparingen in de gezondheidszorg en openbare veiligheid. En dan hebben we het nog niet eens over de bijdrage die hondenbezitters aan de economie leveren, door hun aankopen bij dierenwinkels, bezoek aan dierenartsen en sterkere neiging om in eigen land op vakantie te gaan.

Zo bezien is de hondenbelasting een rare maatregel. Eigenlijk zou je een ‘hondenbijslag’ verwachten, een toeslag voor hondenbezitters vanwege hun sociaaleconomische waarde. Op dit moment kost het houden van een hond echter geld, terwijl de eigenaar vaak ook een aanlijn- en opruimplicht heeft. In Twente is de hondenbelasting (voor één hond althans) het hoogst in Oldenzaal, gevolgd door Losser en Enschede. Dinkelland, Tubbergen en Hof van Twente heffen geen hondentax. Zouden honden in Oldenzaal meer overlast geven dan die in de Hof? Door al dat geneuzel over geld zouden we haast vergeten hoeveel plezier honden ons geven. Niet voor niets wordt de hond wel ‘de beste vriend van de mens’ genoemd. En daar kun je je iets bij voorstellen als je een hond z’n baasje ziet begroeten bij terugkomst uit de supermarkt. Een wijs man heeft eens gezegd: ‘Je kunt voor geld een heel mooie hond kopen, maar niet het kwispelen van zijn staart’. En zo is het maar net: de aanblik van kwispelende honden is onbetaalbaar. Daarvoor trap ik met liefde één keer per jaar in hun poep.

Deze column is eerder gepubliceerd in de Twentsche Courant Tubantia van 6 april 2016

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Ik wil meer informatie

Bel mij terug

Bekijk alle columns