Leesbaar landschap

Bij steeds meer invloedrijke fotografen staat Twente op het netvlies. Vorig jaar liet Sacha de Boer – voormalig nieuwslezeres, nu fotografe – weten dat ze onze regio de meest paradijselijke plek in Europa vindt. En ook natuurfotografen Saskia Boelsums en Eelco Roos hebben de schoonheid van het land tussen Regge en Dinkel ontdekt. ‘Ik was hier nog nooit geweest. Twente is iets heel aparts… Het landschap is kleinschalig, intiem en vol coulissen’, typeerde Boelsums onze streek. Ze is niet de enige die er zo over denkt. Uit onderzoek blijft dat Nederlanders erg veel waardering hebben voor het knusse landschap zoals je dat in onze contreien aantreft.

Psychologen kijken er niet raar van op dat men het Twentse panorama zo mooi vindt. Telkens komt uit experimenten naar voren dat heuvelachtige omgevingen met bomenpartijen en kromme weggetjes meer gewaardeerd worden dan kale vlaktes met kaarsrechte wegen. Hoe komt dat? Er is een theorie die zegt dat we daarvoor duizenden jaren terug moeten in de historie. Om te kunnen overleven, zo is de redenering, waren onze voorouders op zoek naar plekken die beschutting boden en waar ze de omgeving konden scannen op gevaar. In een bosrijk gebied met heuvels kon je goed schuilen tegen roofdieren en vijanden of ze juist van verre zien aankomen. Maar nieuwsgierig als ze waren, wilden onze voorvaderen ook geprikkeld worden – er moest wat te ontdekken overblijven. Misschien lag er achter de horizon of om de hoek wel water, voedsel of iets anders onverwachts! Door die menselijke behoefte aan bescherming, overzicht en verrassing zouden we onbewust nog steeds een voorkeur hebben voor natuurlijke omgevingen waar we die elementen terugvinden. Het Twentse landschap past helemaal in dat plaatje. Het komt harmonieus over en is goed ‘leesbaar’; mensen hebben het idee dat ze het begrijpen. Een ondoordringbaar naaldwoud schrikt af, maar een bos met een herkenbaar pad – waarvan we er in onze regio talloze hebben – trekt aan. Bovendien heeft het Twentse landschap voldoende variatie om ons voor langere tijd te boeien. Essen en houtwallen maken een omgeving spannend, anders dan bijvoorbeeld het vlakke en lege land van Zeeuws-Vlaanderen. Een mix van orde en mysterie, daar gaat het blijkbaar om.

Wij Tukkers weten natuurlijk al lang dat we in een mooi landschap wonen. Daarvoor hebben we echt geen bevestiging uit onderzoek nodig. Maar soms lijkt het erop dat we het normaal vinden dat we voor onze huisdeur één van de meest gewaardeerde landschappen van Nederland hebben liggen. ‘Wonen’ leidt nu eenmaal tot ‘wennen’ en maakt bijzondere dingen ‘gewoon’. Daardoor missen we de frisse blik van een buitenstaander. Over Twente zei fotografe Saskia Boelsums bijvoorbeeld ook: ‘Koeien onder een oude eik, boerderijen in een open plek in het bos. De schoonheid is in Twente nooit ver, maar altijd dichtbij. Je moet het alleen willen zien’. Goed dat ze ons erop wijst. Daarom trek ik zo mijn wandelschoenen aan voor een tocht door het leesbare Twentse landschap. En voor de verandering neem ik deze keer ook mijn fototoestel mee.

Deze column is eerder gepubliceerd in de Twentsche Courant Tubantia van 24 november 2016

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Ik wil meer informatie

Bel mij terug

Bekijk alle columns