Taal zonder grenzen

Vanuit mijn flat in Enschede naar de Universiteit Twente fiets ik regelmatig via de Dr. Zamenhoflaan. De laan telt maar liefst negen straatnaambordjes. Opvallend: ze zijn niet allemaal gelijk. Zo leggen sommige bordjes uit wie Dr. Zamenhof was, terwijl andere dat in het midden laten. Ook de toelichting verschilt. Eén bordje vermeldt dat hij ‘ontwerper van de wereldtaal Esperanto’ was. Ergens anders wordt hij echter aangeduid als ‘uitvinder’ van het ‘Esperando’ (met een ‘d’ dus). Op een aantal plekken staat dat hij geleefd heeft tussen 1859 en 1917, maar verderop staat dat hij in 1919 is overleden. En dan hebben we het nog niet eens over het willekeurige gebruik van punten en komma’s op de straatnaambordjes. Wat een onverschilligheid – en dat in één laan!

Dr. Zamenhof (1859-1917) zelf was allesbehalve onverschillig. Sterker nog, de Poolse oogarts was een man met een missie: hij wilde mensen van over de hele wereld met elkaar verenigen met behulp van een neutrale taal die ze naast hun eigen moedertaal zouden kunnen spreken. Die hulptaal, zo dacht Zamenhof, zou de internationale communicatie vergemakkelijken, bruggen tussen volken slaan en zo bijdragen aan de wereldvrede. In 1887 publiceerde hij onder het pseudoniem Dr. Esperanto (letterlijk: ‘iemand die hoopt’) een boekje met een voorstel voor die ‘taal zonder grenzen’. De internationale taal kwam bekend te staan als het Esperanto en was vanaf het begin een succes. Niet zo gek: dankzij de eenvoudige grammatica en het grote aantal internationaal bekende woorden – voornamelijk geïnspireerd op het Frans, Russisch, Duits en Engels – is de taal vlug te leren. Tot de Eerste Wereldoorlog genoot het Esperanto grote populariteit en ook daarna waren er periodes van bloei. Zo verzorgden Van Kooten en De Bie in 1972 een Teleac-cursus Esperanto op de Nederlandse tv. Een eeuw na Zamenhofs dood zijn er wereldwijd zo’n twee miljoen Esperanto-sprekers, verdeeld over meer dan honderdtwintig landen.

Toevallig of niet, vlakbij de Dr. Zamenhoflaan kunnen we zien wat er van het ideaal van Dr. Esperanto terecht is gekomen. Aan het begin van de universiteitscampus staat namelijk een zuil met de tekst ‘University of Twente’. Inderdaad: in plaats van het Esperanto is het Engels de taal geworden die de wereld bij elkaar moet brengen. Zonder Engels kom je op de Universiteit Twente niet ver. Dat is niet altijd zo geweest. Ooit hadden de studenten zelfs een eigen Esperanto-vereniging. In de Campusgids ’85/’86 maakten ze reclame met de leus ‘Leer Esperanto in drie maanden!’. En om de eenvoud van de taal te illustreren, stond op de bladzijde daarna het Twentse volkslied in het Esperanto: “Ekzistas malgranda kaj kara patruj’, Kuŝanta ĉe Dinkel kaj Regge; La land’ de l’ laboro, la land’ de l’ natur, Afabla laùdinda la Twente”. Wie wil weten hoe de tekst verder gaat, kan nog steeds in onze regio terecht. Want in oktober organiseert Esperanto Nederland in Bornerbroek een studieweekend. In een wereld vol onverschilligheid is het vuur van Dr. Zamenhof gelukkig nog niet gedoofd.

Deze column is eerder gepubliceerd in de Twentsche Courant Tubantia van 13 april 2017

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Ik wil meer informatie

Bel mij terug

Bekijk alle columns