Tijd voor .twente?

Laatst was ik in Friesland waar een communicatieadviseur me enthousiast vertelde over de introductie van .frl. Aanvankelijk begreep ik niet zo goed waar ze het over had. Maar toen ze me uitlegde dat Friese merken, personen, bedrijven en instellingen sinds kort het laatste deel van hun internetadres kunnen gebruiken om naar Friesland te verwijzen, begon me wat te dagen. Dus .frl is de Friese variant van domeinnamen als .nl en .com? Inderdaad, dat is het idee. In Friesland lijkt de regionale extensie aan te slaan. Zo presenteert Leeuwarden zich op het web als leeuwarden.frl, terwijl pietpaulusma.frl en elfstedentocht.frl intussen ook zijn geclaimd.

Terug in Twente dacht ik: er zijn vast wel meer trotse regio’s die op dit idee gekomen zijn. En ja hoor, Vlaanderen en het Ruhrgebied hebben hun plek op het internet veroverd met .vlaanderen en .ruhr. Dat ook Tukkers al eens met de gedachte hebben gespeeld, verbaasde me eerlijk gezegd niets. De uitgang .tw is reeds gereserveerd (Taiwan), .twt is een technische term (daar brand ik als digibeet mijn vingers niet aan), maar op Twitter vond ik een initiatief van het Hengelose ICT-bedrijf Previder dat op 31 maart 2015 aankondigde dat het mogelijk was om het .twente-domein te registreren. Het bedrijf deed meteen maar enkele suggesties, zoals enschede.twente, tubantia.twente en grolsch.twente. Op 2 april kwam echter uit dat het om een 1 aprilgrap ging.

De vraag is waarom je als regio je eigen domeinnaam op internet zou willen hebben. De Friezen prijzen .frl in hun reclamebrochure aan als ‘een unieke kans om jezelf te onderscheiden, relevant te communiceren met je doelgroep en nieuwe marktkansen te ontwikkelen’. Met een regiospecifieke extensie op het web, zo is de gedachte, kun je duidelijk maken waar je zit en meeliften op het imago van de streek. Denk aan ondernemingen, sportclubs en restaurants die met .twente sneller gevonden worden en profiteren van de positieve associaties die mensen bij de regio hebben. Ook wordt het mogelijk om populaire .nl-adressen die al bezet zijn (zoals markt.nl, onderzoek.nl en hotels.nl) met een regionale variant te claimen. De Friezen verwachten er in elk geval veel van.

Moeten we in Twente het Friese voorbeeld volgen? Het hangt ervan af wie het wil gaan betalen. Het is namelijk niet gratis: de aanvraag van een regionaal gebonden domeinnaam bij internetorganisatie ICANN kost eenmalig zo’n 170.000 euro. Daar komen jaarlijks nog eens ruim 15.000 euro aan onderhoudskosten bij. In Friesland heeft een internetondernemer al die investeringen voor z’n rekening genomen. Als hij denkt er rijk van te worden, is dat natuurlijk prima. Maar elders in Europa zijn ook overheden betrokken bij de financiering van een regionale extensie. Dat lijkt me geen goede zaak, simpelweg omdat de kosten niet opwegen tegen de baten. Ik denk dat internet¬ge¬bruikers binnen en buiten Twente elkaar ook zo wel weten te vinden – daar hebben we echt geen .twente voor nodig. Goed daarom dat het in onze streek bij een 1 aprilgrap is gebleven.

Deze column is eerder gepubliceerd in de Twentsche Courant Tubantia van 8 augustus 2015

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Ik wil meer informatie

Bel mij terug

Bekijk alle columns