Lokale media cruciaal
Wie op de hoogte wil blijven van nieuws uit zijn of haar directe leefomgeving, kan overal terecht: naast traditionele kanalen als print, radio en tv zijn er tal van online-opties, of het nu gaat om websites, apps of alerts. Ook sociale media zijn een belangrijke nieuwsbron. In het overweldigende aanbod hebben lokale media – een dagblad, huis-aan-huiskrant of programma van de streekomroep – steeds meer moeite om het hoofd boven water te houden. De concurrentie neemt toe, het abonneebestand kalft af en digitale verdienmodellen komen nauwelijks van de grond. Waarom zou je betalen voor lokaal nieuws als er online ook van alles te vinden is?
Ik vind dit een zorgelijke ontwikkeling. Vanouds vangen lokale media het geluid van de straat op; ze zorgen voor binding en betrokkenheid en houden plaatselijke politici scherp. Journalistiek op streek-, stads- of dorpsniveau is een ‘merit good’: een activiteit die maatschappelijke waarde heeft en daarom overheidsbekostiging rechtvaardigt. Dankzij onpartijdig nieuws kunnen inwoners zich zelfstandig en in vrijheid een oordeel vormen over de plek waar ze een groot deel van hun dagelijks leven doorbrengen. En dat is nodig om het belangrijkste politieke ambt – dat van kiesgerechtigd burger – uit te kunnen oefenen. Uit onderzoek blijkt zelfs dat er een verband is tussen het afkalvende lokale media-aanbod en de democratie. Zo leidde in Zwitserland het opgaan van lokale kranten in een overkoepelende regionale krant tot een lagere opkomst bij de gemeenteraadsverkiezingen. Dit effect bleek zelfs belangrijker te zijn dan demografische en sociaaleconomische verschillen tussen de betreffende gemeenten. De conclusie van de Zwitserse studie loog er niet om: in de ogen van de onderzoekers was het ‘Zeitungssterben’ een ‘Bedrohung der lokalen Demokratie’.
Wat valt hiertegen te doen? Nog meer inzetten op digitale berichtgeving, zoals de standaardreactie luidt? Ik geloof daar niet in. Zo kan het bedrijfseconomisch gezien vaak niet uit om lokaal nieuws op het internet tegen betaling aan te bieden. Ondernemers uit de buurt hebben niet echt interesse om op het web te adverteren, omdat onlinemarketing steeds meer gepersonaliseerd wordt en dus één-op-één plaatsvindt. Maar belangrijker nog: media-aanbieders die zich slechts op onlinekanalen richten, sluiten groepen uit die wat minder digitaal vaardig zijn maar juist veel waarde hechten aan ‘het nieuws van hier’, zoals ouderen die gewend zijn aan de papieren krant.
Gelukkig zijn er ook lokale mediapartijen die laten zien dat nieuwsvoorziening via traditionele kanalen op fijnmazig geografisch niveau nog heel goed mogelijk is. Neem de weekbladen van Achterhoek Nieuws die huis-aan-huis worden verspreid. Omdat ze gratis zijn, is hun bereik veel groter dan dat van regionale dagbladen zoals de Gelderlander. Dankzij advertentie-inkomsten uit de buurt – van reclames tot vacatures en overlijdensberichten – kan Achterhoek Nieuws zich bedruipen. Of neem de Hofstreek Omroep die met enthousiaste vrijwilligers werkt. Door slimme fondsenwerving hebben ze nu ook een mobiele studio die live uitzendingen op locatie verzorgt. En laten we vooral de met veel liefde gemaakte dorpsbladen niet vergeten. Pak de Elshofbode (Wijthmen), ’t Klokhoes (Beuningen) of de Dorpskrant WESEPE (Wesepe) er maar eens bij. Ze verschijnen vaak nog in print met advertenties van de lokale middenstand. Behalve ‘need to knows’, zoals de dorpskalender, ophaaltijden voor het oud papier, sportverslagen en kerknieuws staan er ‘nice to knows’ in. Denk aan een jubileum, reisverslag of kookrubriek van een dorpsgenoot. De dorpsbladen geven een goede indruk van wat er lokaal zoal leeft en worden steevast goed gelezen. En het leuke is dat ze vaak ook als PDF op het web worden geplaatst – waarbij er uiteraard niets gaat boven de papieren editie die meestal huis-aan-huis wordt bezorgd.
Dit is de bewerking van een column die Gert-Jan Hospers (Stad en Regio) uitsprak tijdens een sessie voor raadsleden tijdens het PlattelandsParlement in Dalfsen op 14 mei 2022