Urban fishing
In steden zie ik de laatste tijd steeds meer mensen vissen in kanalen, grachten en havenbekkens. De trend is over komen waaien uit Parijs en Berlijn en staat bekend als ‘urban fishing’, ‘streetfishing’ of gewoon ‘straatvissen’. De stadsvissers richten zich op baars, snoek of snoekbaars en hebben vaak niet meer bij zich dan een lichte hengel, schepnet en rugzak. Steeds meer steden spelen erop in. Zo heeft Groningen zelfs een speciale reisgids uitgebracht met 25 visrijke plekken in de stad.
Dat urban fishing ook onderwerp van studie is, verbaasde me enigszins. Want wat valt er nu te onderzoeken? Van alles en nog wat, zo blijkt uit een artikel dat Zweedse wetenschappers in 2021 in het tijdschrift Urban Sustainability publiceerden. Ze beschouwen vissen in de stad, afgekort tot FCF (‘fishing in the city for food’), als een goed voorbeeld van de wijze waarop stedelingen omgaan met stadsnatuur. Uit hun deskresearch blijkt dat er al 135 papers over urban fishing verschenen zijn, waarvan de meeste gaan over beleid (zoals visbestanden, vergunningen en pogingen om straatvissen te stimuleren) en over de vraag hoe (on)gezond het is om de gevangen vis te consumeren.
Om meer zicht te krijgen op FCF hebben de onderzoekers een quickscan in Europese hoofdsteden uitgevoerd. Daaruit blijkt dat de straatvissers in 36 van de 41 steden zelf mogen bepalen of ze hun vangst teruggooien of opeten, terwijl het in Parijs en Andorra la Vella verboden is om de gevangen vis te verorberen. In de meeste steden, waaronder Amsterdam, wordt de vangst ook daadwerkelijk geconsumeerd. In Stockholm hebben de wetenschappers diepgaand onderzoek gedaan door meer dan 100 straatvissers te interviewen. Het levert een gemengd beeld op, variërend van IT-professionals die tijdens hun lunchpauze een hengeltje uitgooien tot migranten die specifiek vissen op soorten die ze in de winkel niet kunnen krijgen. Conclusie van de onderzoekers: ‘Kortom, vissen in Stockholm is een veelvoorkomende en sociale activiteit die door een reeks aan mensen wordt beoefend, op diverse manieren en om diverse redenen.’ Tsja, dat is natuurlijk niet verrassend.
Ondanks de voor de hand liggende conclusie pleiten de auteurs van het artikel voor nader onderzoek naar urban fishing. Volgens hen is het verschijnsel uitermate relevant voor stadsecologen, omdat het inzicht geeft in de complexe relatie tussen stedelingen en stadsnatuur. Het meest interessante aan het onderzoek vind ik echter de bevinding dat straatvissers veel kennis blijken te hebben over de kwaliteit van het water en de visstand in de stad. Dat biedt mogelijkheden voor ‘citizen science’ (burgerwetenschap) die het academisch onderzoek zou kunnen verrijken.
Bron: S. Joosse, L. Hensle, W. Boonstra, C. Ponzelar & J. Olsson (2021), Fishing in the city for food – a paradigmatic case of sustainability in urban blue space, npj Urban Sustainability, no. 41, pp. 1-8
Deze column is eerder gepubliceerd in Stadswerk Magazine (03/2024)