Het ontstaan van steden

Waarom liggen Athene, Amsterdam en Nieuwegein waar ze liggen? Of meer in algemene zin: op welke plekken komen steden in de loop van de tijd tot ontwikkeling? Sommige vragen zijn zo basaal dat ze nauwelijks meer worden gesteld. In het artikel ‘City origins’ in het tijdschrift Regional Science and Urban Economics (2022) doet Maarten Bosker, hoogleraar economie aan de Erasmus Universiteit, dat wél. De econoom kijkt in het artikel naar de oorsprong van steden en brengt de factoren die hun ligging bepalen in kaart. Met zijn bijdrage wil Bosker laten zien dat de locatie van een stad meestal geen toevalstreffer is, maar dankzij vooruitgang in het wetenschappelijk onderzoek steeds beter verklaard kan worden.

Bij het ontstaan van steden kunnen talloze factoren een rol spelen. Bosker brengt ze terug tot vier hoofdoorzaken: (1) de aanwezigheid van voedsel, water en bouwmateriaal, (2) de militaire voordelen van een plek, (3) de economische mogelijkheden van een locatie om er handel te drijven of bodemschatten te winnen en (4) overheidsbeleid en planning. Zo benadrukken archeologen het belang van de eerstgenoemde factor: vruchtbare grond, waterbronnen en bouwstoffen maakten het voor jagers en verzamelaars mogelijk om zich ergens te vestigen, voedseloverschotten te produceren en een stad met de bijbehorende voorzieningen te ontwikkelen. Historici en economen wijzen vooral op de militaire voordelen en economische mogelijkheden van een bepaald gebied. Later kwamen geplande steden op, vaak om politieke redenen of als onderdeel van ruimtelijk en industriebeleid. Lange tijd moesten onderzoekers het doen met anekdotisch bewijs. Maar Bosker maakt duidelijk dat recente ontwikkelingen in geo-data en digitale methoden en technieken het mogelijk maken om systematisch te analyseren waarom op sommige plekken steden zijn ontstaan en op andere niet. Nieuwe datasets bevatten namelijk niet alleen detailinformatie over de geografische kenmerken van steden, maar ook van locaties die niet zijn tot steden zijn uitgegroeid. Dit opent de deur voor nieuwe typen van geavanceerd empirisch onderzoek, zoals experimenten, econometrische analyses en kunstmatige intelligentie. Dankzij big data en moderne tools krijgen we volgens Bosker steeds meer zicht op de precieze ontstaansredenen van een stad.

Terug naar de kwestie waarom Athene, Amsterdam en Nieuwegein liggen waar ze liggen. Met de indeling van Bosker in gedachten laat zich die vraag gestructureerd beantwoorden. Voor Athene was de strategisch-militaire ligging doorslaggevend: gelegen op een verdedigbare heuvel en dicht bij zee groeide Athene uit tot een centrum van handel, politiek en filosofie. Bij het ontstaan van Amsterdam speelden handel en economie een cruciale rol. Onze hoofdstad ontstond rond waterwegen, wat het in de Gouden Eeuw tot een internationaal handelsknooppunt maakte. En de oorsprong van Nieuwegein is een goed voorbeeld van overheidsplanning: de provincie Utrecht besloot tot grootschalige woningbouw in het gebied tussen de dorpen Jutphaas en Vreeswijk. In 1971 leidde dat tot het ontstaan van de stad Nieuwegein.

Bron: M. Bosker (2022), City origins, Regional Science and Urban Economics, 94, article 103677.

Deze column is eerder gepubliceerd in Stadswerk Magazine (05/2026)

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Ik wil meer informatie

Bel mij terug

Bekijk alle columns